Levine: Bewust leven, bewust sterven

"Wanneer je van hart tot hart spreekt, communiceer dan liefde en niet wat jij wilt of meent dat mensen moeten doen of zijn"
Levine

Levine stelt dat wij ziekte maar zelden aangrijpen als een gelegenheid om onze verhouding tot het leven te peilen of onze angst voor de dood te onderzoeken. Ziekte wordt opgevat als iets verkeerds en wij denken dat het alleen maar goed met ons zit als we gezond zijn. Wij benutten het nieuws van wat anderen overkomt maar zelden als de erkenning van het feit dat alles van voorbijgaande aard is en dat alles voortdurend aan verandering onderhevig is. Pas op het moment dat wij erkennen dat wij sterfelijk zijn vinden wij de sleutel van het leven. We zijn dan een voortdurend veranderende stroom, waarin degene die we denken te zijn elk ogenblik weer wordt geboren en sterft."

Levine spreekt verder over begeerte. Het is niet het object van het verlangen, de begeerte waarom het gaat, het is de begeerte zelf die het bewustzijn afsluit en de pijn veroorzaakt. Je duwt als het ware het huidige ogenblik, de stroom van het leven weg op zoek naar "iets". En dan gaat het niet alleen om materiële dingen of succes, maar bijvoorbeeld ook om het verlangen naar een gezond lichaam. We hebben een idee, een model van hoe het zou moeten zijn, hoeveel energie je zou moeten hebben, het werk dat je zou moeten doen, de verantwoordelijkheden waar je je aan vast wilt houden, de rol die je wilt vervullen. Veel mensen waarmee Levine heeft gewerkt vertelden hem hoe hun ziekte hen heeft doen ontwaken uit de droom dat ze dit model zijn en dat ze deze modellen zijn gaan zien als beperkingen in plaats van als doeleinden. Het voortdurend streven naar iets wat er niet is kan heel vermoeiend en deprimerend zijn. Zoals Levine zegt: de hel is weerstand, de hemel is aanvaarding, het openstellen voor het bestaan zelf. Als we mensen ontmoeten, ziek of gezond, die werkelijk gelukkig zijn, ontdekken we dat ze niet gelukkig zijn om wat ze hebben, maar om wat ze zijn..

De ervaring van Levine is dat verzet, angst en afkeer van pijn de pijn juist erger maakt. Een groot deel van pijn is z.i. verzet dat zich weerspiegelt in het lichaam. Het onderzoek naar de weerstand tegen pijn wordt dan ook een onderzoek naar de weerstand tegen het leven. De vermoeidheid die voortkomt uit de strijd en het verzet tegen de pijn doet het vermogen om bij jezelf te blijven afnemen. In het boek staan dan ook enkele pijnmeditaties, die me erg aanspreken en die m.i. heel goed te gebruiken zijn wanneer mensen veel pijn hebben. Het is moeilijk, maar erg de moeite waard om zowel vertrouwen te stellen in de pijn als in het licht, en zowel de pijnervaring toe te laten en tegelijkertijd open te blijven staan voor de volmaaktheid van het universum. Bovendien betekent omgaan met de pijn van anderen dat ik ook voor mijn eigen pijn en weerstanden plaats moeten inruimen, zonder mijzelf daarbij te veroordelen. Zo kom ik met het schrijven van deze scriptie weer mijn eigen angst voor ziekte en voor in mijn ogen ongewenste veranderingen tegen (ook bij mijn werk voor de Hospice heb ik hier natuurlijk al mee moeten leren omgaan). Ik probeer deze angst niet weg te duwen, maar juist onder ogen te zien. Gelukkig kan het lezen voor en schrijven van deze scriptie me hierbij helpen, evenals het proces dat ik aangegaan ben door de opleiding tot hypnotherapeut te volgen.

Levine benadrukt dat je een zieke op dezelfde manier tegemoet moet treden als een willekeurig ander iemand, dat wil zeggen vanuit een open hart, vanuit liefde. Niet zonodig willen helpen, simpelweg samen zijn. Een passage over adem trof me: "door alle zaken die ons bewustzijn blokkeren als het ware uit te ademen, bereikten we terrein waar we letterlijk en figuurlijk ruimer konden ademhalen. Het inademen van het licht en de wijsheid van het universum stond het bewustzijn toe zich te verzachten en doorschijnend te worden". Dit brengt me op het idee dat ademhalings- (en ontspannings-)oefeningen in combinatie met hypnotherapie zeker toegepast moeten worden in het werken met mensen met kanker. Ruimer ademhalen betekent meer ruimte. Mensen met kanker kunnen extra ruimte meestal erg goed gebruiken.

Ook trof me de passage over communicatie van hart tot hart. In stilzwijgen bij elkaar zitten en in liefde en zorgzaamheid jezelf en de ander toe te staan te aanvaarden wat er is en ruimte te geven te zijn wie je moet zijn. Simpelweg bij elkaar zijn en van hart tot hart te communiceren, zonder stiekem (het bewustzijn van) de ander te willen veranderen. Je hoeft niemand te redden, alleen jezelf.

Levine beschrijft een valkuil, waarin mensen die willen genezen van hun ziekte kunnen stappen. Een man ging zijn ziekte te lijf via methoden die al zijn agressieve vermogens groepeerden teneinde de ziekte te overwinnen. Hij voelde zich slachtoffer en de ziekte was een onnatuurlijke inbreuk op zijn leven. Hij werd van dag tot dag gespannener en banger. Op dagen waarop ziektesymptomen minder op de voorgrond traden voelde hij zich opgewekt en fantastisch; op andere dagen depressief en verschrikkelijk. Zijn zelfwaardering werd afhankelijk van de mate waarin hij er in slaagde zichzelf te genezen. Zolang de dood de vijand is, is het leven een strijd. Het leven wordt een strijd tussen hemel en hel. De geest continueert de onophoudelijke maalstroom van angst en spanningen, die ironischerwijs juist ziekte kunnen veroorzaken.

Hij verwijst ook, zonder deze te noemen, naar de Simontontherapie. Het spreekt me erg aan dat hij een discrepantie signaleert met de methode die Simonton in zijn eerste boek (op weg naar herstel) beschrijft. De patiënt bundelt zoveel mogelijk agressieve voorstellingen teneinde het immuunsysteem te activeren en te stimuleren de kanker te vernietigen. De gedachte hierachter is dat kanker het resultaat is van het ontkennen van bepaalde gebeurtenissen en ervaringen die onderdrukt werden en waarvoor verantwoording moet worden genomen. De kanker bestaat dus eigenlijk uit "gestolde" lang gekoesterde angsten, twijfels en wrokgevoelens. Maar neem je de verantwoordelijkheid voor het feit dat je kanker krijgt door de strijd aan te gaan? Versterkt de agressie het proces van ontkenning dat de kanker veroorzaakte? Duw je daarmee niet een deel van jezelf weg? Naar aanleiding van een ervaring van een patiënt beveelt hij aan geen agressie te ontwikkelen, maar liefde teneinde de tumor te kunnen laten verdwijnen. Deze patiënt vormde gevoelens van liefde en zachtmoedigheid, een gouden licht om de kanker te doen terugvloeien naar de onophoudelijke stroom der dingen, waar niets wordt vastgehouden en niets welke genezing dan ook in de weg staat. Veel mensen die therapie toepassen voelen zich ook schuldig als zij niet genezen.

Verantwoordelijkheid voor de ziekte nemen is iets anders dan schuldgevoel. Het is het vermogen om volledig aanwezig te zijn en gezondheid wordt het bijproduct van een open hart. En dat open hart, dat opgaan in de grote ruimte is de genezing, zodat je nooit kunt verliezen. Wanneer je immers niet geneest heb je geleerd open te zijn en wijsheid toe te laten om de volgende tijd door te komen. Genezing kan voor sommige mensen ook doodgaan zijn!

De drie boeken bieden gezamenlijk een scala aan meditaties, visualisaties en ontspanningsoefeningen, die m.i. heel goed toepasbaar zijn in de begeleiding van mensen met kanker en mensen met extreme vermoeidheid. De kracht van de hypnotherapeut bij het gebruiken van deze meditaties schuilt in het hypnotisch taalgebruik, waardoor de oefeningen nog beter bij de patiënt binnen kunnen komen.

Boekbesprekingen
Simonton: "Moed als alternatief"
Simonton: "Op weg naar herstel"
Simonton: "De kracht die in je schuilt"
Leshan: "Een kans op herstel"
Maria Hendriks: "Een lichaam van lood, extreme vermoeidheid na kanker"
De Haes, Gualthérie, Van Weezel, Sanderman en Van der Wiel: "Psychologische patiëntenzorg in de oncologie, handboek voor de professional"

Inoudsopgave