Gea

"Als ik mijzelf ben, verwarmt mijn eigen kachel me"

Eerste sessie
Tweede sessie
Derde sessie
Vierde sessie
Vijfde sessie
Specifieke interventies m.b.t. vermoeidheid
Evaluatie

Eerste sessie

Gea is een jonge vrouw. Ze heeft baarmoederkanker gehad. Ze is te vroeg in de overgang gekomen, is nu genezen verklaard, maar het is weer wat onrustig in de buik (cyste). Tijdens de sessieperiode gaat ze weer (parttime) aan het werk, ze heeft bewust voor een baan gekozen waar ze niet te hoog grijpt. Ze heeft altijd last van perfectionisme.
Ze heeft een laag zelfbeeld, is daarvoor ooit onder behandeling van een psychiater geweest.
Moeder leeft nog. Vader is op 53-jarige leeftijd overleden. Ze heeft haar vader altijd gemist. "Hij wil niets met me, hij ziet me niet staan. Toen hij dood was durfde ik niet naast de kist te gaan staan omdat ik bang was dat zijn arm eruit zou komen om me weer weg te duwen." Ook haar verhouding met haar moeder laat veel te wensen over. Ze kon het verdriet over de dood van haar vader niet met haar delen. Moeder heeft ook baarmoederkanker gehad en is eveneens geopereerd. Ze liet daar niet veel van merken en vroeg nooit hulp. Gea voelt dat haar moeder niet in haar is geïnteresseerd. "Ik kon en kan mezelf niet onder de aandacht brengen, ik word niet gehoord of gezien. Dat stelt me teleur. Aanraking was taboe. Thuis werd veel gedronken, ik heb mijn ouders, vooral mijn moeder vaak aangeschoten gezien".

Ze ervaart haar vermoeidheid op een schaal van 0 tot 100 als 75. Ze is rusteloos, daardoor moe, en kan zich moeilijk concentreren. Dat maakt haar onzeker.

Tweede sessie

Bij een medische controle is bij Gea een cyste ontdekt, die waarschijnlijk niet kwaadaardig is, maar wel weggehaald moet worden. Gea voelt zich lamgeslagen en heeft geen vertrouwen in haar lijf. Ze heeft afgelopen week een keer hard op haar armen en benen geslagen, omdat ze teleurgesteld was in en boos was op haar lichaam. Haar lichaam is een vijand. Ze kan dit gevoel nu niet gebruiken.

Om te wennen stel ik een ontspanningsoefening voor. Ik ben van plan aan het einde met haar te spreken over wat ze nodig heeft voor de komende tijd. Zover komen we niet, want ze probeert wel mee te doen, maar kan zichzelf niet ontspannen. Op de stoel gaan we aan de slag met het deel wat zich niet kan ontspannen. Wat wil dit voor haar bereiken? Het wil haar er aan herinneren dat ze zich uit kan spreken tegenover anderen en steun van anderen kan toelaten. Dit uitspreken en de steun van anderen bereiken voor haar dat ze zich sterker kan voelen.

Ze moet veel van zichzelf. Dingen die moeten en die ze met zichzelf afspreekt, gebeuren. Ik heb met haar een lijst gemaakt van dingen die haar energie geven en die ze graag wil doen. Ze wil proberen deze dingen een plaats te geven in haar leven en meer in het hier en nu te zijn, waar de angst voor de toekomst, gekoppeld aan de gebeurtenissen in het verleden er even niet hoeven te zijn. Ze is in de wintermaanden vaak depressief. Ze heeft baat bij de zonnebank, maar doet dit te weinig. Haar operaties hebben ook in de wintermaanden plaatsgevonden.

Derde sessie

Gea vertelt dat het "doen van leuke dingen" haar wel in beweging heeft gehouden. Als ze eenmaal de drempel van het doen over is, blijken deze activiteiten leuk te zijn.
Gea heeft veel moeite "zichzelf als echt te ervaren" en voelt zich hierdoor geremd. Haar opvoeding en verhouding tot haar moeder zitten haar dwars, net als de onmacht van haar moeder om contact te maken. Op mijn vraag zegt ze dat het ook droevig was om te zien hoe moeilijk het contact tussen haar moeder en oma op gang kwam. Oma is 1 jaar geleden overleden. Ook oma kon nooit echt zijn wie ze was, Gea omschrijft haar als theatraal. Opa was wel zichzelf. Zelf heeft ze altijd echt willen zijn, zichzelf willen zijn.

In trance gaat Gea naar de plek waar ze zichzelf mag zijn en zich veilig voelt. Dit is thuis op de bank. Ze kan haar moeder dichterbij laten komen, maar er moet wel ruimte tussen. Dat kan. Gea vraagt haar moeder waarom ze nooit naar haar luisterde, waarom ze niet serieus werd genomen, zichzelf niet kon zijn. Haar moeder begint te huilen, maar Gea vraagt haar dat niet te doen omdat ze daarmee Gea's eigen gevoelens afzwakt. Er komen diverse jeugdherinneringen naar boven, ook dat ze af en toe haar ouder shockeerde om maar gevoelens op te roepen. Dat dit haar niet gelukt is leidde tot ingehouden frustratie. Als ik haar vraag hoe deze frustratie er uit ziet, beschrijft ze deze als een open, etterende wond in haar buik, die slecht heelt. De wond kan genezen worden met meer gevoel. Maar ze ziet ook dat de wond niet van haar is, maar van moeder. Ze wil hem teruggeven, en dat kan door de wond in die van haar moeder te laten vloeien. Daarbij voelt Gea zich heel raar, alsof ze omgeven is door een schuimrubberen pantser. Maar tegelijkertijd voelt ze dat het opeens ademt in haar buik, dat haar buik leeft en dat haar buik er echt mag zijn. De reactie van haar moeder is dat ze huilt. Ik suggereer dat oma op een wolkje dichterbij komt en vraag hoe haar moeder geweest zou zijn als oma echt had kunnen zijn. Dan had moeder ook echt kunnen zijn. Oma vindt het belangrijk dat Gea haar eigen wond dichtmaakt.
Gea ziet een redelijk dikke elektriciteitsdraad lopen tussen haar buik en die van haar moeder. Deze mag niet los, want ze wil verbinding houden. Ik vraag of er een lijntje loopt van haar hart naar het hart van haar moeder. Dit is er maar is nog zwak. Ik vraag of het dikker mag gaan worden. Dat kan. Het is goudkleurig. Nu deze lijn er is mag de elektriciteitsdraad weg. Dat gaat niet zomaar, doorknippen is niet genoeg, hij moet er uitgeschroefd worden. Dat lukt vrij gemakkelijk. De plek waar de draad is uitgeschroefd kan geheeld worden met warmte. Er ontstaat plotseling een groot knalrood vuur, waarin alle verkeerde cellen verschrompelen en weggaan. Het grote vuur wordt een warm kacheltje, het kacheltje van haar eigen zelf. De kleur van het warme kacheltje is oranje en die kleur mag door en om haar hele lichaam stralen en het mag zelfs de functie van het schuimrubberen pantser innemen. Het staat voor je zelf mogen zijn en voor ruimte.

In het nagesprek is Gea ontroerd. Ze ervaart veel meer licht, ruimte en warmte.

Vierde sessie

Gea ervaart een beter contact met haar moeder en jaagt niet meer na wat ze niet kan krijgen. Ze is trots op haar en kan liever tegen haar zijn dan vroeger.

Gea is inmiddels begonnen in haar nieuwe baan. Het kost moeite en energie om weer te wennen. Ze kan in de meeste situaties zichzelf zijn en blijven. Alleen het contact met een dominante collega levert wat problemen op. Ze heeft ook veel last van de verhouding met haar schoonouders. Haar schoonvader is verzuurd, verbitterd en timide; haar schoonmoeder is dominant, bemoeizuchtig en vult van alles in.

In trance gaat Gea terug naar het werkoverleg met haar collega en haar baas. Haar collega wil macht naar zich toetrekken door zich te bemoeien met zaken die onder Gea vallen. Gea zakt weg naar de achtergrond en voelt zich inkrimpen, pijn in de onderrug en vermoeidheid zijn daar het gevolg van. Ze voelt zich zwak, alsof een strijd begint. Op hetzelfde moment voelt ze weer het pantser van de vorige sessie. Het pantser heeft zich eerder gemanifesteerd op het moment dat ze het huis uit ging en op eigen benen ging staan. Ze voelde zich toen eenzaam en min of meer onbenaderbaar en teruggetrokken. Als ze aan het pantser vraagt wat het voor haar wil bereiken of vermijden trekt het zich terug. Gea ervaart het terugtrekken als bevrijdend. Ze gaat terug naar de confrontatie met haar schoonouders toen ze ging samenwonen. Het gevoel van ineenkrimpen en vermoeidheid uit de eerste situatie voelt ze daar ook. Ze vertelt er veel over, maar ervaart ook weerstand en het lukt niet om naar een eerder moment te gaan waar dit gevoel er was. Haar hoofd wordt erg zwaar van het praten en denken. Ik vraag haar naar een situatie te gaan waarin ze zich erg krachtig voelde en goed haar eigen grenzen kon stellen.

Ze is in het ziekenhuis en laat iedereen weten wat ze wil, bijvoorbeeld wanneer ze bezoek wil, en zorgt goed voor zichzelf. Het is een goed gevoel, zoals het hoort en ook een gevoel dat bij haar hoort. Het geeft haar rust. Ze hoeft ook voor zichzelf niets in te vullen. Dat zorgt ervoor dat ze zich meer ontspannen kan voelen, dat haar spieren niet zo aangetrokken zijn en het maakt haar kalm. Ze voelt dit alles het meest in haar onderbuik en maag. Het lijkt daardoor of er meer ruimte komt in deze gebieden, alsof het hier zachter en meer levend wordt. (Als ze lang met haar aandacht in haar buik blijft schiet ze weer terug naar haar hoofd.) Het gevoel heeft een lichtblauwe kleur en mag vanuit haar buik naar de rest van haar lichaam. Het lichtblauw is de kleur van een kaart die erg belangrijk voor haar is, lichtblauw met wolkjes en fonkels.

Ik vraag haar met dit lichtblauw naar de situatie met haar collega te gaan in een volgend werkoverleg. Gea krimpt niet in en haar collega wordt milder, blijft wel eigenwijs, maar lijkt toegankelijker. Gea wil niet met het lichtblauw naar haar schoonouders. Ze beseft wel dat deze lichtblauwe kleur staat voor ruimte en zachtheid en dat ze deze kleur altijd kan oproepen.

Vijfde sessie

Gea moet steeds bezig zijn en kan zich moeilijk ontspannen. Ze moet zoveel en raakt geprikkeld. Ze wil graag controle houden en is neerslachtig en heeft altijd het gevoel dat ze moet kiezen tussen haar perfectionistische deel en haar creatieve deel. Haar perfectionistische deel is gestructureerd en gekaderd, is strak, maar zorgt er ook voor dat ze goed kan werken. Ze voelt zich schuldig wanneer ze kiest voor haar creatieve deel, dat ongebonden is en vrij, dat mag genieten. Ze geeft dit deel te weinig ruimte.

In trance komt ze in een bos, dat grenst aan een strand. Ze voelt zich vertrouwd en vrij in dit bos en ziet de zon door de bomen heen. Het is warm en ze ruikt de geur van het bos. In de verte ziet ze het strand en de zee. Ze kan zich hier goed ontspannen. Ze wil haar twee delen ontmoeten op het strand, aan de rand met het bos. Uit het water komen de generaal en de artiest. De generaal is statig, ziet er uit als Napoleon, maar heeft zijn broekspijpen opgestroopt en loopt op blote voeten. De artiest ziet er extravagant uit. De generaal is twee koppen groter dan de artiest en ze komen samen naar haar toe als twee afzonderlijke typen. Ze zien elkaar wel, maar ze vinden elkaar vreemd. Ze hebben wel op een goede manier wat plezier om elkaar, hoe ze er uit zien. Ze kunnen echter niet praten.

Als ze op het lekkere warme strand gaan zitten krijgen ze al meer contact. Ze praten nog niet, maar ze zijn nu niet meer zo verschillend in grootte. De artiest heeft zijn kleren uitgedaan en geniet (zoals gewoonlijk) van de zon. De generaal trekt zijn uniform uit en zit in zwembroek en T-shirt voor de eerste keer lekker in de zon. Hij wordt wat losser en socialer en is niet meer zo op zichzelf. De artiest vindt dit fijn en voelt zich vrijer, kan nu gemakkelijker contact maken. De generaal gaat hier op in, hij zou wel bevriend willen zijn met de artiest. Ze beseffen allebei dat ze elkaar nodig hebben en vertrouwen er op dat ze - zoals ze nu zijn - wel vrienden kunnen worden. Ze gaan samen wat drinken. De generaal is gekrompen en de artiest is groter geworden omdat hij rechtop staat.

Gea neemt zowel de artiest als de generaal zoals ze nu zijn in haar hoofd en in haar hart op. Als symbool houden ze elkaars hand vast en geven haar een knipoog. Dat geeft haar een heel geruststellend gevoel. Ze hoeft nu niet meer te kiezen. Ze voelt ontspanning door haar hele lijf.

In het nagesprek herhaalt Gea dat ze blij is dat ze niet hoeft te kiezen, dat het goed is dat de generaal en de artiest samen gaan werken. Ze heeft daar vertrouwen in. Zo kan ze het doorzettingsvermogen van de generaal en de vrijheid van de artiest gebruiken in haar werk en in haar privé-leven. Als de generaal het lekker warm heeft, kan hij zijn uniform uit laten. Die warmte kan Gea hem geven door het kacheltje van echtheid (uit de derde sessie) te laten branden.

Interventies m.b.t. vermoeidheid

  • De sessies hebben er toe bijgedragen dat Gea meer kwaliteit ervaart. De processen die in gang gezet zijn en met name de verhouding met haar moeder kunnen er aan bijdragen dat er minder innerlijke strijd is, waardoor ook de vermoeidheid kan dalen.
  • We hebben enige keren gesproken over activiteiten die kunnen helpen haar depressiviteit (en daarmee vermoeidheid) te hanteren, zoals meer bewegen, naar buiten, voeding, dingen doen die je leuk vindt, de artiest meer toelaten etc.)
  • Gea wilde absoluut geen ontspanningsbandje.

Evaluatie

De sessie met haar moeder was erg belangrijk voor Gea. Ze was bijzonder ontroerd toen ze de warmte in zichzelf voelde. Het contact met haar moeder is veel beter geworden. In de laatste sessie heeft het haar goed gedaan dat de strijd tussen de generaal en de artiest is veranderd in samenwerking.

In het algemeen laat ze zichzelf niet meer zo snel onderuit halen, ziet ze zichzelf meer staan. Ook is ze flexibeler geworden en kan ze in haar werk en met haar partner meer praten over wat haar bezig houdt. Er zijn starre kaders verschoven en er zijn positieve veranderingen in gang gezet. Ze vindt dat de kwaliteit van haar leven verbeterd is door de kwaliteiten die de sessies haar opgeleverd hebben. Ze had gehoopt dat ze door de therapie sneller van haar problemen/depressie af zou raken.

Er zijn de afgelopen weken heel veel dingen in haar leven gebeurd (winter, dus depressie), een nieuwe baan en veranderingen in haar privé-leven, met alle onzekerheden die daaraan vast zitten. Daardoor kan ze niet aangeven of de sessies invloed hebben gehad op haar vermoeidheid. Bij het aangeven van vermoeidheid in een schaal van 0 tot 100 geeft ze nu 50 aan.

Als ik ter afsluiting zeg dat ze een mooi mens is, raakt ze ontroerd. Ik geef haar mee dat ze iedere ochtend tegen zichzelf mag zeggen dat ze een mooi mens is.

Sessies met cliënten
Agaath
Evita
Manja
Margreet

Inhoudsopgave